Je rijdt een dorp uit en ziet rechts van de weg een rode driehoek staan. De punt en het symbool helpen je het bord herkennen. Vergelijk B6 met de waarschuwingsborden uit serie J, en houd rekening met de voorrangsborden B3, B4 en B5.
B6 verplicht je voorrang te verlenen
Bord B6 is een witte driehoek met een rode rand die op zijn punt staat. Er staat geen symbool in. In bijlage 1 van het RVV 1990 valt het onder hoofdstuk B, voorrang, met als omschrijving: verleen voorrang aan bestuurders op de kruisende weg.
Dat is een opdracht. Artikel 62 RVV 1990 zegt dat je verkeerstekens met een gebod of verbod moet opvolgen, en artikel 63 dat een verkeersteken boven een verkeersregel gaat als die twee botsen. Komt er van links iemand aan op de kruisende weg, dan gaat B6 dus voor de regel dat verkeer van rechts voorgaat. Wat B6 en de stopvariant B7 per bord van je vragen, staat op de pagina over bord B6.
Serie J waarschuwt voor gevaar
Hoofdstuk J van bijlage 1 heet Waarschuwing en telt 39 borden, van J1 (slecht wegdek) tot J39 (een paal die uit de rijbaan kan komen). Op de afbeeldingen in de bijlage zijn 37 daarvan een driehoek met de punt omhoog, met een symbool in het witte vlak. De twee uitzonderingen zijn J12 en J13, de rood-witte kruisen bij een overweg.
Lees de omschrijvingen van serie J en je ziet dat er geen gebod in staat. Ze noemen alleen wat er komt: een bocht, een steile helling, kinderen, een gevaarlijk kruispunt. Een waarschuwingsbord zegt niet wie er voorgaat en niet hoe hard je mag. Wel vertelt het je wat er komt, zodat je op tijd kunt reageren. Artikel 19 RVV 1990 vraagt dat je kunt stoppen binnen de afstand die je overziet en die vrij is. Wie een waarschuwing krijgt, past zijn snelheid daarop aan. Het hele overzicht staat bij de waarschuwingsborden uit serie J.
Ook B3, B4 en B5 hebben de punt omhoog
De borden B3, B4 en B5 hebben ook de punt omhoog. Ze staan in hoofdstuk B van bijlage 1 en geven een voorrangskruispunt aan. Het symbool toont of de zijweg van beide kanten, van links of van rechts komt. Je kunt dus niet alleen aan de stand van de punt zien of een bord over voorrang gaat.
Haaientanden, met of zonder bord
Op het wegdek kan dezelfde boodschap staan als op B6. Artikel 1 RVV 1990 noemt haaientanden voorrangsdriehoeken op het wegdek, en artikel 80 geeft ze precies de betekenis van B6: je verleent voorrang aan bestuurders op de kruisende weg.
Het artikel stelt geen voorwaarde dat er ook een bord moet staan. Haaientanden zonder B6 verplichten je dus net zo goed om voorrang te verlenen. Omgekeerd geldt B6 ook als er geen haaientanden liggen.
Alleen J8 bij een kruispunt
Bord J8 is een driehoek met de punt omhoog en een zwart kruis erin. De omschrijving is gevaarlijk kruispunt, en meer niet. Staat er bij dat kruispunt geen voorrangsbord, liggen er geen haaientanden en staan er geen werkende verkeerslichten, dan regelt niets daar de voorrang met een teken. Dan geldt de gewone regel uit artikel 15 RVV 1990.
Die regel is: op een kruispunt geef je voorrang aan bestuurders die van rechts komen. Er zijn twee uitzonderingen. Kom je van een onverharde weg, dan verleen je voorrang aan bestuurders op de verharde weg. En een tram laat je voorgaan. J8 verandert daar niets aan, hij zegt alleen dat je op dit kruispunt extra moet opletten. Daarom mag je bij J8 niet aannemen dat jij op de voorrangsweg rijdt, en ook niet dat jij moet wachten. Kijk naar rechts en naar de weg zelf.
Twee dingen gaan nog boven een voorrangsbord. Volgens artikel 64 gaan verkeerslichten boven verkeerstekens die de voorrang regelen. En volgens artikel 84 gaan aanwijzingen, bijvoorbeeld van een verkeersregelaar (artikel 82), boven verkeerstekens en verkeersregels. Op de pagina over bord J8 lees je hoe het bord in examenvragen terugkomt.
Naast elkaar
| Teken | Vorm | Wat het betekent | Wat je doet |
|---|---|---|---|
| B6 | Driehoek, punt omlaag, wit vlak zonder symbool | Verleen voorrang aan bestuurders op de kruisende weg | Bestuurders op de kruisende weg voor laten gaan |
| Haaientanden | Driehoeken op het wegdek | Zelfde betekenis als B6 (artikel 80) | Bestuurders op de kruisende weg voor laten gaan, ook als er geen bord staat |
| B7 | Achthoek met STOP | Stoppen en voorrang verlenen aan bestuurders op de kruisende weg | Stoppen, dan bestuurders op de kruisende weg voor laten gaan |
| Serie J (37 van de 39) | Driehoek, punt omhoog, symbool in het vlak | Waarschuwing voor wat er komt | Snelheid en aandacht aanpassen, voorrang volgt uit andere tekens of uit de regels |
| J8 | Driehoek, punt omhoog, zwart kruis | Gevaarlijk kruispunt | Zonder ander voorrangsteken: rechts gaat voor (artikel 15) |
Herken B6 aan de punt omlaag en het lege witte vlak. Bij een driehoek met de punt omhoog bekijk je ook het symbool: is het een waarschuwing uit serie J of een voorrangskruispunt uit serie B? Beoordeel daarna de overige tekens en de verkeerssituatie.