Je rijdt op een provinciale weg met een bord 60 achter je. Dan passeer je een wit rond bord met een grijze 60 en zwarte schuine strepen erdoor. Hoe hard mag je nu? Het bord zegt alleen dat de 60 voorbij is. Het antwoord staat elders in de wet.
Wat een einde-bord wel en niet opheft
Een einde-bord heft op wat in zijn omschrijving in bijlage 1 staat, en niets meer. Alle andere borden die nog gelden, blijven gelden. Wat daarna overblijft, is de algemene regel uit het RVV 1990 voor de plek waar je bent.
Kijk ook niet alleen naar een schuine streep. In bijlage 1 zie je drie soorten: witte ronde borden met grijze of zwarte schuine strepen (A2, F2, F4, F8, C22f), het gele ruitbord B2 met strepen, en blauwe rechthoekige borden met een rode schuine streep (A5, G2, G4, G6, H2).
De borden naast elkaar
| Bord | Wat eindigt | Wat geldt daarna |
|---|---|---|
| A2 | De maximumsnelheid van bord A1 | De wettelijke limiet voor je voertuig en weg, tenzij een andere aangegeven limiet geldt |
| A5 | De adviessnelheid van bord A4 | Een advies valt weg; de limiet die er al gold, blijft |
| B2 | De voorrangsweg van bord B1 | Bij het volgende kruispunt de borden en haaientanden; zonder die tekens artikel 15 |
| F2 | Het inhaalverbod voor motorvoertuigen (F1) | Inhalen mag weer, met de gewone inhaalregels |
| F4 | Het inhaalverbod voor vrachtauto's (F3) | Vrachtauto's mogen weer motorvoertuigen inhalen |
| F8 | Alle verboden die met verkeersborden zijn aangegeven | Algemene regels en andere verkeerstekens, zoals wegmarkeringen, blijven gelden |
| G2 | De autosnelweg (G1) | De regels van de weg die volgt |
| G4 | De autoweg (G3) | De regels van de weg die volgt |
| G6 | Het erf (G5) | Geen 15 km per uur meer, de gewone snelheids- en parkeerregels |
| C22f | De geslotenverklaring vanwege emissie-eisen (C22e) | De milieuzone of nul-emissiezone houdt op |
A2: de limiet hangt af van waar je bent
Bord A2 heet in bijlage 1 "einde maximumsnelheid". Daarna geldt de limiet die artikel 20 en 21 RVV 1990 voor die plek geven. Binnen de bebouwde kom is dat 50 km per uur voor motorvoertuigen. Buiten de kom is het 80 op een gewone weg, 100 op een autoweg en 130 op een autosnelweg.
Op de provinciale weg uit het begin is het antwoord dus 80, tenzij je op een autoweg rijdt. Let ook op artikel 22: rij je met een aanhangwagen, dan blijft je eigen voertuiglimiet staan, ook na A2. Wil je alle snelheidsborden op een rij zien, kijk dan bij de snelheidsborden uit serie A.
B2: terug naar rechts gaat voor
Op een voorrangsweg (bord B1) moet verkeer uit zijwegen jou voor laten gaan. Bij B2, "einde voorrangsweg", stopt dat. Op het volgende kruispunt zonder voorrangsborden of haaientanden geldt weer artikel 15: je verleent voorrang aan bestuurders van rechts. Twee uitzonderingen staan in hetzelfde artikel: bestuurders op een onverharde weg laten bestuurders op een verharde weg voorgaan, en bestuurders laten de tram voorgaan.
Beoordeel na B2 bij elk kruispunt opnieuw wie voorrang heeft.
F2, F4 en F8: verboden die ophouden
F2 beëindigt het verbod van F1, F4 dat van F3. Wie precies onder F1 valt, lees je in het stuk over het inhaalverbod van bord F1.
F8 is breder: "einde van alle door verkeersborden aangegeven verboden". Het woord verkeersborden doet ertoe. Een doorgetrokken streep is een streep op het wegdek, geen bord, en artikel 76 blijft daarvoor gelden, met de uitzonderingen die in dat artikel staan. Meer over F8 en zijn elektronische tegenhanger staat op de pagina's over bord F8 en bord F9.
G2, G4 en G6: de weg verandert van soort
Een autosnelweg is in artikel 1 de weg met bord G1, een autoweg de weg met bord G3. Bij G2 of G4 houdt die status op. Daarmee vallen ook de regels uit artikel 42 en 43 weg, zoals het verbod om te keren, achteruit te rijden of op de rijbaan stil te staan. Ga je van een autosnelweg direct een autoweg op, dan gelden artikel 42 en 43 gewoon door, want ze gaan over beide soorten wegen. Voor een personenauto zonder aanhanger gaat de wettelijke limiet buiten de bebouwde kom dan van 130 naar 100. Een lagere aangegeven snelheid blijft bepalend.
Bij G6, einde erf, verlaat je het gebied waar artikel 44 tot en met 46 gelden. Het recht van voetgangers om de hele breedte van de weg te gebruiken vervalt, net als de grens van 15 km per uur en het verbod voor motorvoertuigen om buiten de aangegeven parkeerplaatsen te parkeren. Of de uitgang van een erf als uitrit of als kruispunt telt, lees je in het stuk over uitritten en kruispunten.
C22f en zones
C22f beëindigt de geslotenverklaring van C22e voor een milieuzone of nul-emissiezone. C22e kan als zonebord staan. Volgens artikel 66 geldt een bord met het woord "zone" erboven in het aangeduide gebied. Staat er geen gebiedsaanduiding bij, dan loopt de zone tot de bijbehorende einde-zoneborden. Wie onder C22e valt, staat in het stuk over bord C22e en de onderborden.
Bij een examenvraag met een einde-bord kun je jezelf steeds hetzelfde afvragen: welk bord houdt hier op, en welk artikel neemt het over?