Op 14 juli 2026 maakte het CBR bekend dat de theorie-examens voor auto, motor en bromfiets een certificaat hebben gekregen van het onafhankelijke instituut RCEC. In hetzelfde bericht staat wie de vragen maakt: de eigen experts van de afdeling Productmanagement Theorie van het CBR. De vragen komen dus van het CBR zelf.
Veel meer dan dat vertelt het CBR niet over de makers. Hoeveel vragen er in totaal bestaan en hoe de afdeling precies werkt, staat in geen van de berichten. Wat wel openbaar is, staat in een handvol nieuwsberichten en in het dossier over het autotheorie-examen op cbr.nl. Hieronder de stappen in volgorde.
De wet bepaalt de onderwerpen
In het dossier over het autotheorie-examen beschrijft het CBR de weg die een nieuwe vraag aflegt. Het begin ligt bij de wet: die bepaalt welke onderwerpen in het examen moeten zitten.
Een voorbeeld uit 2026 laat zien hoe dat gaat. Op 26 maart 2026 schreef het CBR dat het vanaf 1 april 2026 rijhulpsystemen moet toetsen in het theorie-examen auto. Op welke regel die plicht rust, staat niet in het bericht. Productmanagement Theorie werkte toen aan nieuwe vragen over dat onderwerp. Hoe dat verder liep, lees je in het stuk over rijhulpsystemen in het theorie-examen.
Een college van deskundigen kijkt mee
Een gemaakte vraag gaat volgens het dossier eerst naar een college van deskundigen. Dat college beoordeelt onder meer of de vraag duidelijk is, of iedereen hem kan begrijpen en of er geen dubbele bodem in zit. Wie in dat college zitten en hoe vaak het bijeenkomt, schrijft het CBR er niet bij.
Over de vorm van de vragen zegt het CBR in hetzelfde dossier dat het veel beeld gebruikt en zo weinig mogelijk tekst. De tekst die er wel staat, is op taalniveau B1. Er zitten ook interactieve vragen in, zoals sleepvragen en aanwijsvragen. Strikvragen wil het CBR naar eigen zeggen niet: wie de regels kent en ze kan toepassen, moet kunnen slagen.
Eerst proefdraaien in een echt examen
Na de beoordeling draait een nieuwe vraag een tijd mee in echte examens, zonder dat hij meetelt voor de uitslag. Kandidaten weten niet welke vraag dat is. Voldoet een vraag niet aan een van de eisen, dan komt hij niet terug in het examen. Welke eisen dat zijn en hoe lang de proef duurt, schrijft het CBR er niet bij.
Dit zijn de testvragen waar je op de examendag mee te maken krijgt. Hoeveel het er zijn en wat ze betekenen voor het aantal fouten dat je mag maken, staat bij hoeveel fouten je mag maken bij het theorie-examen.
De uitslag rekent het systeem van het CBR automatisch uit. Volgens het dossier wordt daardoor elke kandidaat op dezelfde manier beoordeeld. Het CBR laat daarnaast alle theorie-examens regelmatig wetenschappelijk onderzoeken op ongewenste voorspelbaarheid.
Maken en afnemen in één systeem
Op 2 maart 2026 kondigde het CBR aan dat alle 20 theorielocaties overstappen op CAS. Het CBR noemt het één nieuw softwaresysteem voor het afnemen en het ontwikkelen van alle theorie-examens. De volledige naam, Constructie- en Afnamesysteem, staat in het bericht van 8 juli 2026. Op die dag deden alle kandidaten in Schelluinen hun theorie-examen B in CAS.
In beide berichten zegt het CBR dat de inhoud van het examen door CAS niet verandert. Wat je als kandidaat wel merkt, zoals de afnamecode en de vrije plaatskeuze, staat in het stuk over het examensysteem CAS.
Nieuwe stof hoort de branche drie maanden vooraf
In het bericht van 26 maart 2026 legt het CBR een vaste afspraak uit. Komt er een nieuw onderwerp bij in het theorie-examen auto, dan meldt het CBR dat altijd drie maanden van tevoren aan uitgevers van leermateriaal en aan opleiders. Die kunnen hun materiaal dan aanpassen, zodat kandidaten genoeg tijd hebben om te leren.
Het bericht van 17 augustus 2026 over rijhulpsystemen herhaalt die termijn van drie maanden, daar met alleen de uitgevers genoemd. Volgens dat bericht ligt vanaf 1 oktober 2026 bij de vragen over rijhulpsystemen meer nadruk op gewenst rijgedrag, en verandert het aantal examenvragen niet. Wanneer de uitgevers precies op de hoogte zijn gebracht, staat niet in het bericht. Voor jou betekent het vooral: kijk of je lesmateriaal is bijgewerkt na een aankondiging van het CBR.
Het RCEC-certificaat van juli 2026
Het RCEC is volgens het CBR een onafhankelijk instituut dat de kwaliteit van examens bewaakt en verbetert. In het bericht van 14 juli 2026 staat dat het RCEC de theorie-examens voor auto (B), motor (A) en bromfiets (AM) positief heeft beoordeeld. Voor deze drie examens is het de eerste keer. Het praktijkexamen auto en de theorie- en praktijkexamens voor de binnenvaart hadden al eerder zo'n certificaat.
Carolien Giesen, divisiemanager Theorie bij het CBR, noemt de certificering in het bericht een logische stap na de vernieuwing van het examen auto. Dat examen wordt sindsdien niet meer in losse onderdelen afgenomen maar als één geheel; wat er toen veranderde, lees je bij het nieuwe theorie-examen sinds 7 april 2025. Ze koppelt het certificaat ook aan het werk van de eigen experts die de examens maken.
Het bericht noemt geen einddatum van het certificaat en zegt niet welke eisen het RCEC precies toetste.
Echte examenvragen liggen niet op straat
Op 24 maart 2025 zei CBR-directeur Alexander Pechtold in een nieuwsbericht van het CBR dat de vragen van het CBR niet op straat liggen. Opleiders die daarmee adverteren, zijn volgens hem geen goede opleiders. In het dossier over het autotheorie-examen staat daarnaast dat de echte examenvragen altijd anders zijn dan oefenvragen.
Het CBR maakt wel voorbeeldvragen openbaar. Wat die laten zien en hoe ze verschillen van een echt examen, staat in het stuk over de 25 voorbeeldvragen van het CBR.
Wat je op het examen helpt, is de stof zelf: de regels kennen en ze toepassen in een situatie die je nog niet eerder zag. Meer over het examen zelf vind je op de pagina over het CBR-theorie-examen auto.