Binnen de bebouwde kom blijft 50 km/u de regel, ook al krijgen gemeenten geld voor 30 km/u-wegen

Het RVV 1990 zet de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom op 50 km/u. Een landelijke regel voor 30 km/u is er niet. Wel kunnen gemeenten per weg 30 km/u instellen, ook met een bijdrage van het Rijk. Wat er geldt, lees je dus van de borden.

In dit artikel
  1. Wat artikel 20 RVV 1990 zegt
  2. Hoe een weg 30 wordt
  3. Wat een GOW30 is
  4. Flexflitsers op 30-wegen
  5. Voor je examen

Binnen de bebouwde kom geldt voor auto's een maximumsnelheid van 50 km/u. Dat staat in artikel 20 van het RVV 1990, in de versie die sinds 1 juli 2026 geldt (geraadpleegd op 6 oktober 2026). Een landelijke 30 km/u-regel voor auto's staat er niet in. Gemeenten kunnen wel zelf wegen op 30 zetten, en het Rijk draagt daar geld aan bij. Dat verschil is goed om te kennen als je koppen over "30 in de stad" leest.

Wat artikel 20 RVV 1990 zegt

Artikel 20 geeft de maximumsnelheden binnen de bebouwde kom. Voor motorvoertuigen is dat 50 km/u. Voor bromfietsen staat er 30 km/u op het fiets/bromfietspad en 45 km/u op de rijbaan. Buiten de bebouwde kom geldt artikel 21: 80 km/u op gewone wegen, 100 km/u op autowegen en 130 km/u op autosnelwegen.

Die 50 km/u is de regel die geldt als er geen bord staat. Artikel 63 RVV 1990 bepaalt dat verkeerstekens boven verkeersregels gaan voor zover ze niet samengaan. Staat er een bord met 30, dan rijd je daar 30, ook al zit je binnen de kom.

Waar de bebouwde kom begint, bepaalt de gemeenteraad (artikel 20a Wegenverkeerswet 1994). Op straat zie je dat aan bord H1, bebouwde kom. Bord H2 markeert het einde. Meer over die twee borden staat op de pagina over de borden van de bebouwde kom.

Hoe een weg 30 wordt

Een gemeente kan de wet niet veranderen, maar wel borden plaatsen. Voor gemeentewegen nemen burgemeester en wethouders daarvoor een verkeersbesluit (artikel 18 Wegenverkeerswet 1994). Het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) schrijft in artikel 12 voor dat snelheidsborden alleen met zo'n besluit geplaatst of weggehaald worden. Gaat het om een bord A1 met 30 km/u, dan moet het besluit volgens artikel 15 BABW ook aangeven hoe aan de voorschriften uit artikel 14 Wegenverkeerswet 1994 wordt voldaan. Dat artikel gaat onder meer over verkeerstekens en over de inrichting van de weg.

Op straat kom je twee vormen tegen:

  • Bord A1 met 30 op één weg. Het bord geldt vanaf de plek waar het staat. Met bord A2, einde maximumsnelheid, houdt het op. Daarna geldt weer de wettelijke limiet: binnen de kom 50.
  • Een zonebord. Staat boven het bord het woord "zone", dan geldt het in een heel gebied (artikel 66 RVV 1990). Zonder aanduiding van het gebied loopt de zone tot het bord dat het einde van de zone aangeeft. Een zijstraat binnen de zone heeft dus geen eigen bord nodig.

Daarnaast kan een onderbord het bord nader uitleggen, of aangeven voor wie het wel of juist niet geldt (artikel 67 RVV 1990). De vijf snelheidsborden uit bijlage 1 staan op de pagina over snelheidsborden. Meer over 30 km-zones en andere bijzondere weggedeelten staat bij rotondes en bijzondere weggedeelten.

Wat een GOW30 is

In de Kamerbrieven over verkeersveiligheid komt een afkorting terug: GOW30. De brief van 2 juni 2025 noemt het een nieuw wegtype: de gebiedsontsluitingsweg met een limiet van 30 km/u. Een uitgebreidere definitie geven de brieven niet. Ze plaatsen de GOW30 wel in het onderliggend wegennet, de wegen in beheer van gemeenten, provincies en waterschappen.

Het Rijk betaalt mee via de Investeringsimpuls Verkeersveiligheid. Daarmee ondersteunt het ministerie van IenW gemeenten, provincies en waterschappen bij maatregelen op hun wegen. Volgens de Kamerbrief van 15 mei 2026 is bijna het hele budget van € 450 miljoen benut, met een bijdrage van het Rijk van maximaal 50 procent. In het tweede aanvraagtijdvak van de derde tranche, van 12 november tot en met 24 december 2025, kwamen 195 aanvragen binnen, waarvan 184 van gemeenten. Bij de maatregelen die het meest werden aangevraagd stonden de aanleg van een GOW30, het veilig inrichten van 30 km/u-wegen en het afwaarderen van 50 naar 30 km/u. Projecten uit de derde tranche moeten uiterlijk 31 december 2028 klaar zijn.

Ook in het eerste aanvraagtijdvak, waarover de brief van 2 juni 2025 rapporteert, hoorde de inrichting van de GOW30 bij de maatregelen die veel werden aangevraagd. De brief van 15 mei 2026 staat op open.overheid.nl; die van 2 juni 2025 op rijksoverheid.nl.

Lees dit als subsidie voor wegbeheerders die zelf kiezen. Het is geen landelijke regel. Of een weg bij jou in de buurt 30 wordt, hangt af van het verkeersbesluit van de gemeente.

Flexflitsers op 30-wegen

De Kamerbrief van 2 juni 2025 meldt dat het Openbaar Ministerie het aantal flexflitsers uitbreidt. Dat zijn verplaatsbare flitspalen voor snelheid. Op dat moment waren er 75; het doel was 125 aan het eind van 2026. Ze worden ingezet op het onderliggend wegennet, vooral op gebiedsontsluitingswegen. Volgens dezelfde brief is de inzet van flitsers op GOW30-wegen sinds eind 2024 mogelijk. Bord A1 met 30 is een maximumsnelheid, geen advies; voor een adviessnelheid bestaat een eigen bord, A4. Over een andere verplaatsbare camera, die op telefoongebruik let, gaat het stuk over de focusflitser.

Voor je examen

Zie je in een examenvraag een bebouwde kom zonder snelheidsbord, dan is het antwoord 50 km/u. Zie je een bord A1 met 30, of een zonebord, dan is het 30. Een vermoeden dat "de stad toch 30 is" telt niet.

Kijk bij een foto dus eerst naar de borden. Staat er een zonebord, onthoud dan dat de limiet doorloopt tot het einde-zonebord, ook in een zijstraat binnen die zone zonder eigen bord. Staat er een A2, dan valt de snelheid terug op wat de wet zegt voor de plek waar je bent. Meer over snelheid en inhalen staat in het theoriehoofdstuk inhalen en snelheid.

Over Jacqueline

Jacqueline volgt veranderingen bij het CBR en in de regels rond je rijbewijs. Je leest vanaf wanneer een wijziging geldt of hoe ver een voorstel is.

Hoofdredacteur: Senna. Zo werkt de redactie

Bronnen

  1. RVV 1990, artikel 20 en 21: maximumsnelheden binnen en buiten de bebouwde kom (wetten.overheid.nl), geraadpleegd op 6 oktober 2026
  2. RVV 1990, artikel 63, 66 en 67: voorrang van verkeerstekens, zoneborden en onderborden (wetten.overheid.nl), geraadpleegd op 6 oktober 2026
  3. RVV 1990, bijlage 1: verkeersborden (wetten.overheid.nl), geraadpleegd op 6 oktober 2026
  4. Wegenverkeerswet 1994, artikel 14, 18 en 20a: verkeerstekens, verkeersbesluiten en grenzen van de bebouwde kom (wetten.overheid.nl), geraadpleegd op 6 oktober 2026
  5. BABW, artikel 12 en 15: verkeersbesluit voor snelheidsborden (wetten.overheid.nl), geraadpleegd op 6 oktober 2026
  6. Ministerie van IenW, Kamerbrief stand van zaken verkeersveiligheid voorjaar 2026 (15 mei 2026, open.overheid.nl), geraadpleegd op 6 oktober 2026
  7. Rijksoverheid, Kamerbrief stand van zaken verkeersveiligheid voorjaar 2025 (2 juni 2025), geraadpleegd op 6 oktober 2026